Het is belangrijk, dat je beschikt over een bench. Die kun je in elke dierenspeciaalzaak
kopen. De
bench is een handig middel om de hond in huis een eigen plek te geven. Daar kan hij rusten en
ongestoord slapen. Bovendien is het een handig hulpmiddel bij het zindelijk maken. Een hond
bevuilt immers niet graag zijn eigen slaapplek. Daarom moet de bench niet te groot zijn, maar ook
niet te klein, want dan groeit hij er te snel uit. Als de bench al in het nest bij de pups heeft gestaan
en ze hebben het ding kunnen onderzoeken, ze hebben er in geslapen en gespeeld, dan is het
helemaal ideaal. In de nieuwe situatie is de bench dan een bekende plek, alleen de nestgenootjes
ontbreken. Als nieuwe baas is dat je eerste aangrijpingspunt. Jij wordt de plaatsvervanger die verder
leiding gaat geven en het leven interessant gaat maken. Jij bent dus degene die het gevoel van
gemis zo klein mogelijk kan maken. Je kunt het natuurlijk niet wegnemen, maar je kunt het gemis
verzachten door in het begin er te zijn als de pup het moeilijk heeft. Dat is vooral ’s nachts. Aarzel
niet om de eerste nacht(en) de bench bij je op de slaapkamer te nemen. Als de pup het dan
moeilijk heeft, hoef je alleen je hand maar even uit te steken om hem gerust te stellen. Na een paar
dagen is hij zo gewend aan al het nieuws, dat hij ’s nachts rustig op zichzelf kan blijven. Het
nieuwe is dan al weer gewoon geworden.
De pup moet alles nog leren en jij bent vanaf nu dus de aangewezen persoon daarvoor.
Om de
hond zo soepel mogelijk alles te leren is het een noodzaak om te weten hoe hij in elkaar zit. Wat
zijn de eigenschappen? Daarvoor moet je observeren. Steeds kijken hoe de hond reageert. Het is
goed om van het observeren zelf meteen een gewoonte te maken. Dat gaat je meehelpen om alles
meteen zoveel mogelijk in goede banen te leiden. Bedenk steeds dat de hond het beste leert van
alles wat goed gaat. Eén van de eerste handelingen bijvoorbeeld is de pup een halsbandje omdoen.
Als je hem daarna zijn gang laat gaan, zie je hoe hij reageert. Vindt hij de halsband lastig en wil
hij
hem afschudden of afkrabben? En in welke mate wil hij dat? Of accepteert hij het tamelijk snel? Ga
je hem een beetje meehelpen door het halsbandje na vijf minuten weer af te doen? Als de pup het
halsbandje lastig vindt, kun je het koppelen aan iets leuks. Halsbandje om en even spelen.
Stoppen met spelen en halsbandje af. Na een aantal keren is het halsbandje gewoon en kun je het
omlaten. Op net zo’n manier leert hij aan een riempje lopen. De eerste keer aan een riempje is
lastig. De pup voelt plotseling de weerstand en komt in verzet. Hoe dat verzet is, bepaalt
aansluitend weer jouw gedrag. Laat de pup merken dat de weerstand wegvalt zodra hij meegeeft. In
deze beginfase wordt de basis gelegd voor de verhouding van jou met je hond.
Alles wat je aan gedrag ziet bij de pup heeft te maken met het karakter.
En dat karakter
moet je erg goed kennen om het leerproces zo positief mogelijk te begeleiden.
Als je de hond in huis opvoedt, heb je hem de hele dag onder het oog. Het voordeel
is, dat je snel
het karakter kent. Het nadeel is, dat je de hele tijd wanneer hij los in huis loopt op hem moet
letten. Hij mag niet aan een stoelpoot bijten, niet aan de vloerbedekking, niet aan het tafelkleed,
niet aan de planten, niet aan rondzwervend speelgoed, enz. Hij mag wel met de kinderen spelen,
maar je wilt niet dat hij ze als zijn soortgenoten ziet. Hij mag wel in de kamer als hij droog is, maar
niet met vieze modderpoten. Buiten mag hij wel de regen van zich afschudden, maar liever niet in
huis. En hoewel het huis voor de hond groot genoeg is om een geschikt plekje te vinden om te
poepen en te piesen, moet jij erop toezien dat dat niet gebeurt.
In huis is er dus veel waar op gelet moet worden, maar dat geldt buiten evengoed.
Onlangs kwam er iemand op de training, die had gehoord dat je een Bordercollie het eerste jaar
zoveel mogelijk vrij moest laten. Als de hond ongeveer een jaar oud was kon je beginnen met de
training. Deze mensen hebben veel ruimte om huis en ze hadden zich zoveel mogelijk aan het
advies gehouden. Eigenlijk hadden ze de hond maar één ding geleerd: hij moest bij de kippen
wegblijven. Dat was wel moeilijk geweest, want die kippen liepen los op het erf. Al vrij snel kreeg
de
pup belangstelling voor de kippen. Karakteristieke houding, opjagen en erin bijten. Dat mocht
natuurlijk niet. Maar iedere keer deed de hond het weer. Er kwam een kip kapot. De druk op de
hond werd opgevoerd. Het heeft een paar kippen gekost en daarna is het de hond heel duidelijk
gemaakt, dat het echt afgelopen moest zijn.
De eerste keer bij de schapen zie je meteen dat deze hond eigenlijk wel wil, maar
hij wordt
tegengehouden. De associatie met de kippen zorgt er in dit geval voor, dat het weken duurt voor de
hond richting schapen durft. We hebben doorgezet, omdat deze hond wel duidelijk de aanzet
toonde, maar het wordt nooit een sterke veedrijver.
Overigens is dit ook een voorbeeld van wat er allemaal aan onzinverhalen over de Bordercollie
de
ronde doet. Het is erg jammer als je vol enthousiasme begint met een jonge Bordercollie om na
een jaar er achter te komen dat je een aantal zaken echt verkeerd hebt aangepakt.